Loading

Port Morant 21 t/m 31 januari 2020

Image

Port Morant 21 t/m 31 januari 2020

Van de haven van Port Antonio gaan we naar het rustige Morant Bay waar we een goed weergat af zullen wachten om over te steken naar Panama. Morant Bay is een voormalig eenvoudig resort wat tegenwoordig dienst doet als marine basis. Er zijn continu bewapende mariniers aanwezig die uiterst vriendelijk en behulpzaam zijn en ons een veilig gevoel geven.

 

We maken prachtige lange wandelingen waarbij we naar de winkels in Port Morant en zelfs twee keer naar het plaatsje Bath (zo’n 20km) lopen en een taxi terug nemen. In Bath lopen we naar de hot spring maar dit blijkt een naar zwavel stinkende straal water uit een rotsspleet te zijn en stelt dus niet zo veel voor maar de omgeving is wel heel mooi. Onderweg moeten we een aantal keren de rivier doorkruisen en komen we veel aardige mensen tegen die een gezellig praatje aanknopen.

Aan de wandel met Hans en Carla van de Linde

 

Zeer regelmatig zien we een groepje gieren in een boom of langs de weg zitten

 

Prachtige boom langs het wandelpad naar het dorpje Bath

 

De “hot spring” van het plaatsje Bath. Voor een tientje kun je je laten met stinkend water laten wassen door een opdringerige Jamaicaan. We maken rechtsomkeert en laten de hot spring voor wat het is.

 

De lokale taxibusjes zitten propvol en rijden zo hard dat je je leven af en toe niet zeker bent. Tijdens een van deze dollemansritjes slaakt Rik een kreet wanneer hij iets aan zijn been voelt likken. Het blijkt een hond te zijn die in een kartonnen doos onder zijn stoel zat, en zich een weg naar buiten aan het werken was.

 

Rik wil voor vertrek nog de vuurtoren gaan bezoeken. Het is toch iets verder als gedacht dus we besluiten te liften wat hier absoluut niet moeilijk is. Tass is een aardige kerel die ons wel tot halverwege de vuurtoren wil brengen. Hij waarschuwt ons nog dat het echt verlaten gebied is en veel te ver om te lopen. Bovendien wemelt het er van de krokodillen en hier en daar een rasta die in de bosjes woont. Uiteindelijk wil Tass ons toch niet alleen laten en brengt ons naar de vuurtoren waar hij ons voorstelt aan de vuurtorenwachter die op zijn beurt vraagt of we even in de toren willen kijken. Natuurlijk willen we dat!

Na een half uur en twee telefoontjes is de sleutel gevonden en kunnen we naar boven vergezeld door drie kerels. Wij genieten van het uitzicht terwijl de heren genieten van een joint.

De vuurtoren

 

De lamp

 

Elektra volgens Jamaicaanse standaard

 

Vanuit de vuurtoren heb je een prachtig uitzicht

 

Op de terugweg neemt Tass ons mee naar huis en stelt ons voor aan zijn familie. Het veevoer wordt opgehaald en we mogen mee om de varkens en de kippen te gaan voeren.

Als dank voor deze leuke middag gooien we de tank van de auto van Tass vol benzine en halen we een Jerk Chicken die we samen aan boord van de Incentive opeten. Tass is een beetje schrikachtig in de dinghy, vermoedelijk omdat hij niet kan zwemmen, maar eenmaal aan boord kijkt hij zijn ogen uit en vindt het zichtbaar een leuk uitstapje.

Voordat we naar Panama vertrekken hebben we nog één keer een bonte avond met Hans en Carla van de Linde. Binnenkort zullen zij via Cuba naar Amerika zeilen terwijl wij ons klaarmaken voor de oversteek naar Panama.